Akersloot, Westerhogedijk (EM)
Akersloot, Westerhogedijk (EM)
Huizen in de polder

Ondanks genoemde vermaning van Gedeputeerde Staten d.m.v. de 'Tussenbrief' volhardde de gemeenteraad in haar plannen. Uiteindelijk reageerde de Subcommissie voor de Gemeentelijke plannen van de Provincie op 3 april 1992 officieel op het ingediende plan. Er bleef weinig over van de woningbehoeftencijfers. De bouwplannen ten noorden van de Roemersdijk en ten westen van de Westerweg werden afgewezen en van de KHK- polder diende men af te blijven; slechts het bouwplan Koningsweg kon op goedkeuring rekenen. Door het uitgeven van een huis-aan-huis-brief, de Nieuwsbrief, werden de bewoners van Akersloot geïnformeerd over de stand van zaken, ook de Raadsleden! De externe adviseurs (het netwerk) kregen, met een begeleidende brief waarin een dankbetuiging voor de hulp, een afschrift toegezonden van de afwijzingsbrief van Gedeputeerde Staten d.d. 3 april 1992.

De stichting was voorlopig tevreden met het standpunt van de provincie maar de polder was nog niet gered. Want de meerderheid van de gemeenteraad was nog steeds van plan hun zin door te drukken en zij wilden nu een bebouwing, zij het beperkt, in de 'oksel' in het noordwesten van de polder (75 woningen!). En opnieuw kwam de stichting in actie om dit plan, met behulp van het inmiddels ontstane netwerk van sympathisanten, te bestrijden. Het eerder gebruikte, civieltechnisch rapport van één van de medewerkers van de stichting (Dick Kruiswijk), dat duidelijk aangaf waarom je zonder grote risico`s niet kunt bouwen in de polder werd weer van stal gehaald.

Het college en de raad, zwaar teleurgesteld door de afwijzende brief van de Provincie d.d. 3 april 1992 en door het halsstarrige verzet van de stichting, dachten dat zij met de okselplannen een doorbraak konden bewerkstelligen om iets moois met de polder te doen. Burgemeester Cornelissen trok zich terug als portefeuillehouder van ruimtelijke ordening, mogelijk om een 'neutrale' stelling te kunnen innemen in de komende schermutselingen met de stichting en de burgers. De stichting werd uitgenodigd voor een goed gesprek op 1 juli 1992.

Ter voorbereiding van dat gesprek werd door de stichting een lijst van onderwerpen en vragen opgesteld en aan de burgemeester voorgelegd. Namens de stichting namen deel aan het gesprek: Henk Kooij (voorzitter), Hennie Groot (secretaris) en Ben Hopman (bestuurslid). De stichting ging ervanuit dat een zinvolle discussie alleen met succes gevoerd kon worden op basis van informatiegelijkheid en goede informatie, vandaar dat ze veel vragen hebben gesteld (zie l. Bijlage: Vragen aan burgemeester Cornelisse). Tijdens het 3 uur durende gesprek bleek dat er weinig aanleiding was om te geloven in de overlegbedoelingen van het college. De commissie van Ruimtelijke Ordening gaf nog diezelfde avond (1 juli 1992) haar goedkeuring aan de Structuurvisie. Hierna meldde de stichting dat zij zich tot het uiterste zouden verzetten tegen de zogenaamde okselbebouwing met 75 woningen.

Citaat uit de informatiebrieven aan de burgerij van mei 1992 en juli 1992: “De ontwikkeling van de ontwerp-structuurvisie heeft de belastingbetaler fl 150.000.- gekost . De stichting heeft de raadsleden vroegtijdig gewaarschuwd waarom dit hooggeprezen plan, zowel technisch als financieel, ondeugdelijk is. Uitvoering van de ontwerpvisie zou een exploitatietekort opleveren van ca. 4 miljoen.” In dezelfde brief riep de stichting de burgers op hun bezwaren in te zenden, omdat het er naar uitzag dat de meerderheid van de raad opnieuw een 'aangepaste' structuurvisie, met de zogenaamde koerswijziging zou goedkeuren (okselbebouwing) en inzenden aan de provincie. De bezwaren moesten voor 24 september ingediend zijn en de stichting heeft maar liefst 238 bezwaarschriften voorzien van 256 handtekeningen ingediend, nog 3 uitgebreide bezwaarschriften en 52 bezwaarschriften met betrekking tot de bebouwing Roemersdijk, waarvan de bewoners ook volledig achter het bezwaarschrift van de stichting stonden. Op 27 oktober 1992 werd een hoorzitting georganiseerd waarop de bezwaren werden toegelicht. De bezwaren werden niet gehonoreerd en dus werden op 28 januari 1993 de structuurvisie en de koerswijziging door de raad aangenomen, ter visie gelegd en aan Gedeputeerde Staten van de provincie gestuurd.

Daarmee waren er, sinds de eerste uitgave van de ontwerpvisie in januari 1991, twee jaren nodig geweest om het verzet van de bevolking schijnbaar te honoreren. Maar de geplande okselbebouwing in het noordwestelijke deel van de polder stond wel in het ingezonden plan en dat bleek achteraf geen goed idee! Het bestuur van de stichting besloot het verzet tegen de okselbebouwing niet verder op gemeentelijk niveau, maar op provinciaal niveau voort te zetten.